FAQ

Op veel vragen over aco en de campagne "Bouw door, Leer verder!", vindt u het antwoord op deze pagina. Staat uw vraag er niet bij? Dan kunt u hem hier stellen.

Als u met uw cursor op de vraag gaat staan, wordt het antwoord getoond. Door te klikken op de vraag blijft het antwoord staan, door er nogmaals op te klikken heft u dat weer op.

1. Wat is het doel van het plan?

Met het plan Bouw Door, Leer Verder! willen de initiatiefnemende partijen, Bouwend Nederland, FNV Bouw en CNV Hout en Bouw, stimuleren dat de instroom van leerlingen behouden blijft en zittende medewerkers in de gelegenheid worden gesteld om (tegen lage kosten voor werkgevers) scholing te volgen.

Het is nadrukkelijk een scholingsplan, geen werkgelegenheidsplan.

2. Wat heb ik als werkgever die leerlingen opleidt, aan dit plan?

Als u een leerling op bbl2- of bbl3-niveau de gelegenheid biedt zijn diploma te behalen, kunnen uw andere medewerkers scholing volgen. Speciaal ten behoeve van Bouw Door, Leer Verder!, is een aantrekkelijk scholingsaanbod ontwikkeld. Het zijn vakgerichte modules waarvoor een door de bedrijfstak erkend certificaat wordt verstrekt.

Als u nog geen leerlingen opleidt, maar wel leerlingen wilt gaan opleiden, dan kunt u ook gebruik maken van dit speciale scholingsaanbod. Fundeon zorgt er dan voor dat u een voorlopige erkenning als leerbedrijf krijgt, want dat is nodig om leerlingen te kunnen opleiden. Via de voorlopige erkenning kan uw onderneming later de volledige erkenning verwerven. De Fundeon-adviseur zal u daarbij begeleiden.

3. Geldt dit plan (ook) voor leerlingen die ik al heb?

Ja, het plan geldt ook voor leerlingen die u al heeft.
Voor de instroomdoelstelling van opleidingsbedrijven (voorheen: samenwerkingsverbanden) tellen de leerlingen op bbl2-niveau mee die tussen 1 januari en 31 december 2009 bij het opleidingsbedrijf zijn begonnen en een leerarbeidsovereenkomst hebben gekregen met een duur van in totaal twee jaar. De instroomdoelstelling is in 2009 75% van de gemiddelde instroom over de jaren 2007 en 2008. De peildatum is 31 december 2009.

In 2010 geldt dat de instroom dan op 90% van het gemiddelde over 2007 en 2008 moet liggen. De peildatum is 31 december 2010. Dan worden alleen de leerlingen geteld die in 2010 nieuw zijn ingestroomd.

De exacte voorwaarden staan vermeld in een schrijven dat op 18 december 2009 naar de opleidingsbedrijven is gestuurd.

Voor de opnameverplichting van een leerbedrijf tellen alle bbl2- en bbl3-leerlingen mee. Voor dergelijke bedrijven die gebruik willen maken van het scholingsaanbod, geldt de afspraak dat zij voor elke honderd scholingsdagen in het bedrijfsopleidingsplan, één bbl2- of bbl3-leerling een jaar lang moet opleiden.

4. Ik wil alvast beginnen met het scholen van mijn vaste medewerkers, maar de leerlingen heb ik pas over een paar maanden nodig. Kan dat?

Nee, dat kan niet. De opnameverplichting gaat in op moment dat u wilt starten met het opleiden van uw medewerkers.

5. Ik heb een klein bedrijf waar leerlingen lang niet alles kunnen leren. Ik kan ze maar voor een bepaald onderdeel van het vak opleiden. Kan ik toch gebruik maken van Bouw Door, Leer Verder!

Dat kan. Het gaat erom dat u leerlingen opleidt. In uw geval zou het kunnen zijn dat u een leerling bijvoorbeeld zes maanden opleidt en dat hij dan alles geleerd heeft wat er in uw bedrijf te leren valt. Als u na die zes maanden een nieuwe leerling aanneemt, dan heeft u toch een jaar lang één leerling opgeleid.

6. Ik heb gehoord dat je als opleidingsbedrijf subsidie kunt krijgen. Hoe gaat dat in zijn werk?

Individuele leerbedrijven en opleidingsbedrijven krijgen 1.000 euro subsidie voor iedere leerling op bbl2-niveau die na 1 januari 2009 is ingestroomd en met wie een leerarbeidsovereenkomst voor twee jaar is overeengekomen. Die subsidie krijgen deze individuele leerbedrijven en opleidingsbedrijven alleen als zij de instroomdoelstelling halen. Die is in 2009 75% van de gemiddelde instroom van leerlingen in het betreffende bedrijf over de jaren 2007 en 2008. De peildatum is 31 december 2009. Op 18 december 2009 is in een schrijven aan alle opleidingsbedrijven gemeld hoe zij voor deze subsidie in aanmerkingen kunnen komen.

In 2010 verandert de regeling. De subsidie wordt op basis van een staffel uitgekeerd:

0-50%: geen subsidie
50-70%: 6.000 euro per leerling bbl2
70-90%:12.000 euro per leerling bbl2
boven 90%: geen subsidie

Voorbeeld: als het gemiddelde van de instroom van bbl2-leerlingen in uw opleidingsbedrijf over 2007 en 2008 honderd was, en u neemt in 2010 tachtig nieuwe leerlingen bbl2 aan, dan ontvangt u (per peildatum 31 januari 2010):

voor leerling 1 t/m 50: geen subsidie
voor leerling 51 t/m 70: 6.000 euro subsidie per leerling bbl2
voor leerling 71 t/m 90: 12.000 euro subsidie per leerling bbl2
voor leerling 91 t/m 100: geen subsidie
in totaal dus 240 duizend euro.

De subsidie is er niet voor bedrijven die de leerlingen niet zelf in dienst hebben.

7. Wanneer ben ik een individueel leerbedrijf?

Als uw bedrijf zelf een leerarbeidsovereenkomst met een leerling heeft. Als u uw leerlingen via het opleidingsbedrijf krijgt, bent u geen individueel leerbedrijf. Lees hier meer over soorten leerbedrijven.

8. Geldt dit plan ook voor Bouwtalenters?

Bouwtalent-leerlingen zijn leerlingen die een bol4-opleiding of een hbo-opleiding volgen. Het zijn dus geen bbl2- of bbl3-leerlingen en ze tellen dus niet mee voor de opnameverplichting.

9. Op welke termijn krijg ik het geld van het Scholingsfonds?

Sneller dan normaal. Als het gaat om de verletkosten van Bouw Door, Leer Verder!, fungeert Fundeon als loket voor de declaraties. Fundeon heeft aangegeven dat zij declaraties binnen een week na ontvangst uitbetaalt. En de cursuskosten hoeft u niet eerst zelf voor te schieten. Fundeon zorgt ervoor dat die kosten rechtstreeks aan het opleidingsinstituut worden betaald.

10. Hoe wordt omgegaan met bedrijven met meerdere locaties? Stel dat er leerlingen lopen bij de vestiging Amsterdam en de scholingsvraag komt van de vestiging Enschede? Kan ik dan in Enschede gebruik maken van het plan terwijl de leerling niet in Enschede wordt opgeleid?

In beginsel kan dat. Er wordt dan een contract met de holding gesloten en alle communicatie loopt via de holding. Als er een contract met een regionale vestiging wordt gesloten, gelden de afspraken voor die regionale vestiging.

11. Ik kan als werkgever enerzijds een tijdelijke geringe vermindering in opdrachten opvangen door mijn werknemers scholingsfaciliteiten aan te bieden. Daarmee neutraliseer ik dus in feite een tijdelijke werkvermindering. Tegelijkertijd wordt die neutralisering teniet gedaan door de verplichting om een X aantal leerlingen op te nemen, die vervolgens in de gelegenheid moeten worden gesteld om ervaring op te doen met werkzaamheden die nu juist (tijdelijk) verminderd zijn. Is dat niet een enorme spagaat?

Bouw Door, Leer Verder! is geen werkgelegenheidsplan, maar een scholingsplan. Het doel is ervoor te zorgen dat we straks, na de crisis, als sector over jonge voldoende gekwalificeerde mensen beschikken.

12. In publicaties over Bouw Door, Leer Verder! lees ik telkens weer dat 50 procent van de bouwplaatsmedewerkers geen startkwalificatie heeft. Volgens mij klopt dat niet.

Met de term ‘startkwalificatie’ wordt een mbo-opleiding op niveau 2 bedoeld. Hiermee wordt overigens ook de ’oude’ leerlingwezenopleiding bedoeld. Dat een bouwplaatsmedewerker geen startkwalificatie heeft, betekent niet dat hij daarmee geen vakman is. Door ervaring kan hij wel degelijk het niveau van de startkwalificatie hebben bereikt of dit zelfs overtreffen.

13. ls een leermeester wordt opgeleid tot aco-praktijkinstructeur, is hij dan zijn leermeestertoeslag kwijt?

Bepalend is of hij in zijn eigen bedrijf leermeester blijft. Als hij leermeester blijft, behoudt hij zijn leermeestertoeslag.

14. In mijn bedrijfsopleidingsplan staan 603 scholingsdagen. Ik heb vier leerlingen. Is dat voldoende?

Nee, dat is niet voldoende. Voor 100 tot 199 scholingsdagen moet u één leerling een jaar lang opleiden. Voor 200 tot 299 scholingsdagen moet u twee leerlingen opnemen. Voor 300 tot 399 scholingsdagen moet u drie leerlingen opnemen. En zo verder. U moet minimaal altijd één leerling hebben om mee te kunnen doen aan Bouw Door, Leer Verder! Maar als u eenmaal meedoet aan Bouw Door, Leer Verder! ronden wij het aantal leerlingen per honderd scholingsdagen naar beneden af.
Als u 603 scholingsdagen wilt gebruiken, zult u er dus twee leerlingen bij moeten nemen. U heeft er namelijk zes nodig. Als u het bedrijfsopleidingsplan zodanig aanpast dat u op 599 scholingsdagen uitkomt, hoeft u er maar één leerling bij te nemen om aan de eisen te voldoen.

15. Mijn bedrijfsopleidingsplan bestaat in totaal uit zestig dagen scholing. De scholing start volgende week. Ik heb twee leerlingen, maar er is inmiddels écht onvoldoende werk om ze nog te kunnen opleiden, hoe graag ik dat ook zou willen. Ik heb ze nu vier maanden gehad, maar ik moet ze eind van de week terugsturen naar het opleidingsbedrijf. Hoe moet dat nu verder?

Om gebruik te kunnen maken van honderd scholingsdagen, moet u een jaar lang een bbl2- of bbl3-leerling opleiden. Nu u uw leerlingen eerder moet terugsturen naar het opleidingsbedrijf, wordt het aantal scholingsdagen naar verhouding bijgesteld. U heeft dus recht op 2 X 4/12 X 100 = 66 scholingsdagen. Dat betekent dat uw medewerkers gewoon scholing kunnen krijgen, het bedrijfsopleidingsplan niet aangepast hoeft te worden en u de verletkosten vergoed krijgt.

16. Ik leid al jaren leerlingen op. Maar ik heb niet zo’n groot bedrijf en kan niet zoveel leerlingen kwijt. Om voor scholing in aanmerking te komen, moet ik 90% van het aantal leerlingen van het gemiddelde van 2007 en 2008 hebben. Hoe gaat het project hiermee om?

Die voorwaarde gold in 2009. Inmiddels is de regeling aangepast. Om voor aco-scholig in aanmerking te komen is nog de enige eis dat u per honderd scholingsdagen een bbl2- of bb-3 leerling minstens een jaar lang opleidt.

17. Ik heb een opleidingsbehoefte van driehonderd scholingsdagen. Ik heb tien medewerkers en twee leerlingen. Hoe doe ik dat?

Voor driehonderd scholingsdagen moet u een jaar lang drie leerlingen op bbl2- of bbl3-niveau opleiden. U zult er dus een leerling bij moeten nemen. Dat mag ook een leerling zijn die al aan de opleiding is begonnen en een tijdje voor een andere aannemer heeft gewerkt. U mag zelf weten hoe u die driehonderd scholingsdagen over uw medewerkers wilt verdelen. Het maximum is veertig dagen per medewerker. U kunt dus tien medewerkers dertig dagen naar de scholing sturen. Of dertig medewerkers tien dagen. Hoe u dit wilt verdelen, is afhankelijk van wat uw medewerkers aan scholing nodig hebben. Dit legt u vast in het bedrijfsopleidingsplan.

18. Mijn bedrijfsopleidingsplan is goedgekeurd door het Steunpunt. Nu blijkt dat ik toch, wegens gebrek aan werk, een aantal medewerkers zal moeten ontslaan. De leerlingen die ik heb, kunnen blijven. Wat betekent dat voor de uitvoering van het bedrijfsopleidingsplan?

U zult in overleg met Steunpunt het bedrijfsopleidingsplan moeten aanpassen. Waarschijnlijk wilt u de scholingsdagen anders over uw medewerkers verdelen. Omdat u uw leerlingen behoudt, hebben de ontslagen geen consequenties voor het totaal aantal scholingsdagen.

19. Geldt de scholing ook voor UTA-medewerkers?

De scholing is bedoeld voor bouwplaatsmedewerkers. Dat heeft te maken met het feit dat zij premie afdragen aan het Scholingsfonds en UTA-medewerkers niet. De scholing in het kader van Bouw Door, Leer Verder! wordt betaald uit het Scholingsfonds.
Voor UTA-medewerkers is er overigens wel een ander aantrekkelijk scholingsaanbod ontwikkeld. Reguliere opleidingen zoals de kaderopleiding bouw worden in gecomprimeerde vorm (dus korter) tegen speciale tarieven aangeboden. U kunt dit speciale opleidingenoverzicht vinden op www.fundeon.nl. Verletkosten van UTA-medewerkers kunt u, zoals gebruikelijk, niet declareren.

20. Mijn orderportefeuille ziet er goed uit en er is geen reden om deeltijd-WW aan te vragen. Ik heb gehoord dat deeltijd-WW een voorwaarde is om aan Bouw Door, Leer Verder! deel te nemen. Is dat zo?

Nee, deeltijd-WW is geen voorwaarde om te mogen deelnemen. Wel is het zo, dat als u in aanmerking komt voor deeltijd-WW, u dit moet aanvragen. Het is namelijk niet de bedoeling dat u Bouw Door, Leer Verder! als een alternatief voor deeltijd-WW gebruikt.

21. Als mijn mensen in de deeltijd-WW zitten, krijg ik dan wel de verletvergoeding van 160 euro per persoon per dag?

Nee, u krijgt alleen 160 euro verletvergoeding per persoon per dag als uw medewerkers niet in de deeltijd-WW zitten. Dit wordt gecontroleerd.
Als uw medewerkers wél in de deeltijd-WW zitten, heeft u recht op een suppletie van maximaal 48 euro per persoon per dag.

22. Ik heb een aantal timmerlieden in dienst die ik wat breder wil kunnen inzetten. Kunnen zij een aantal modules volgen, zodat ze ook leren metselen?

Ja hoor, dat kan. U kunt van alle modules uit het opleidingsoverzicht gebruik maken, ongeacht de huidige functie van de medewerker. De enige voorwaarde is dat hij of zij een bouwplaatsmedewerker is en geen UTA-medewerker.

23. Mijn bedrijf zit al in financiële problemen. Ik twijfel of ik mee zal doen. Wat adviseert u?

Het is aan uzelf om te bepalen hoe groot de problemen zijn en of Bouw Door, Leer Verder! daar een oplossing voor biedt. Daar willen wij ons niet in mengen. Wij huldigen wel de opvatting dat er nog voldoende overlevingskansen voor het bedrijf moeten zijn. Als dat niet zo is, adviseren wij om geen gebruik te maken van Bouw Door, Leer Verder! Het plan is namelijk een instroom- en scholingsplan en geen werkgelegenheidsplan.

24. Worden de afspraken tussen Fundeon en het bedrijf vastgelegd?

De rechten en verplichtingen tussen Fundeon en het bedrijf dat gebruik maakt van de scholing worden schriftelijk vastgelegd in een overeenkomst. Deze overeenkomst vindt u hier.

25. Kan ik ook ‘leerlingen op de lat’ noteren?

Ja, soms kan dat! De stuurgroep van het project anticyclisch opleiden, Bouw Door, Leer Verder! heeft voor deelnemende bouw- en infrabedrijven een regeling opgesteld die het mogelijk maakt de aanname en/of detachering van nieuwe leerlingen flexibeler in te vullen, ondanks eventuele  contractverplichtingen in het Bedrijfsopleidingsplan. Bedrijven die al leerlingen in dienst of gedetacheerd hadden, krijgen uiterlijk drie maanden de tijd (gerekend vanaf het moment dat de aco-scholing daadwerkelijk van start gaat) om de nieuwe leerlingen die zij moeten opleiden in dienst te nemen of via het opleidingsbedrijf in te huren. Voor bedrijven die nog geen leerlingen hadden geldt deze uitstelmogelijkheid niet.

Resultaten per: 10-06-10
Aco bedrijven:
Werknemers in scholing:
Leerlingplaatsen:
Scholingsdagen:

Blijf op de hoogte.....


Laatste nieuws

 
 
Bouwend Nederland CNV Bouwnijverheid FNV Bouw
Disclaimer